Inclusie in het buitenland en een nieuw rapport
Om in 2035 op alle scholen in Nederland inclusief onderwijs te kunnen bieden, is het delen van kennis en adviezen cruciaal. In de rubriek Inclusief nieuws lichten wij daarom graag twee belangrijke updates uit het onderwijsveld en de politiek voor je uit. Zo maken we samen het onderwijs inclusiever.
Inclusief onderwijs: hoe pakken ze het elders aan?
Op 12 februari van dit jaar presenteerde de Onderwijsinspectie een internationale webinar over het rapport Internationale toezichtscan inclusief onderwijs in ontwikkeling. Dit rapport keek naar 6 landen en regio's - Estland, Italië, Nieuw-Zeeland, Portugal, Zweden en Tirol - en hun vooruitstrevende stappen op het gebied van inclusief onderwijs. De webinar is terug te kijken op de website van de onderwijsinspectie.
Hieronder lichten we alvast een paar belangrijke bevindingen voor je uit:
In het rapport staat beschreven hoe elk van deze landen inclusief onderwijs vormgeven en hierop toezicht houden om vervolgens met deze inzichten beleidsmakers in Nederland te kunnen inspireren en ondersteunen.
Estland heeft bijvoorbeeld al sinds 2010 het inclusieve onderwijs wettelijk verplicht en maakt gebruik van een landelijk leerlingvolgsysteem. In Italië is het speciaal onderwijs helemaal afgeschaft en voor eventuele zorg en therapie hanteren scholen een Individual Educational Plan (IEP). Flexibiliteit, professionalisering en een holistische aanpak versterken inclusie in Nieuw-Zeeland. Portugese scholen hebben elk een multidisciplinair team dat ondersteuning biedt.
Tirol legt de focus op kleinschaligheid en samenwerking om inclusie te bevorderen. Zweedse scholen worden actief ondersteund met richtlijnen, schoolontwikkeling en trainingen. Wel is daar het aantal 'resource schools' (speciaal onderwijs) toegenomen, wat duidt op meer segregatie. De verschillende landen/regio's hanteren uiteenlopende vormen van toezicht. Zo monitoren Zweden en Nieuw-Zeeland systematisch, maar Portugal betrekt juist de gezinnen en netwerken en Italië heeft geen duidelijk indicatoren om inclusief onderwijs te beoordelen.
De kansen die uit het rapport naar voren kwamen, lagen op het gebied van wettelijke verankering, het faciliteren van lokale interprofessionele samenwerking en een nationaal leerlingenvolgsysteem. Uitdagingen waren de regionale verschillen, bureaucratie, gebrek aan scholing en bezuinigingen.
Het volledige rapport lees je hier.
Nieuw Rapport: hoe maken we inclusief onderwijs de norm?
In opdracht van de Tweede Kamer, schreef René Peeters het rapport Over de lijnen, de boodschap: Inclusief onderwijs moet de norm zijn, niet enkel een streven. Nu zijn er in het onderwijs namelijk nog veel versnipperde budgetten, onduidelijk verantwoordelijkheden en ontbreekt er voldoende daadkracht. Ook kwam uit het rapport dat een andere regio-indeling niet de oplossing is . Welke conclusies trok het rapport nog meer en wat zijn de directe gevolgen voor jou als schoolleider?
Het rapport zet vier pijlers voor verbetering uiteen:
- Schaalvergroting maximaliseren door vrijwillige samenwerking en eventueel een fusie te stimuleren.
- Resultaatverplichting invoeren waarbij een 'inclusiefonds' de budgetten bundelt voor onderwijs, kinderopvang en jeugdhulp.
- Door een landelijke kaderstelling kan de inclusieve leeromgeving in de wet worden vastgelegd, integraal toezicht worden georganiseerd en is er geen tegenstrijdig beleid mee.
- Om te investeren in kwaliteit gaan toelatingseisen omhoog, is er meer interprofessioneel leren en gerichtere opleidingen van leidinggevenden.
Het advies heeft voor schoolleiders gelijk al een aantal gevolgen, wanneer deze wordt aangenomen. Zo wordt overleg tussen samenwerkingsverbanden en gemeente resultaatverplicht. Ook wordt inclusie normatief zodat elke leerling in 2035 naar een school kan in de buurt. Hiervoor moeten scholen nu al keuzes maken in hun ondersteuning, teams en huisvesting. Expertise verplaatst zich naar reguliere scholen doordat specialisten uit jeugdzorg en speciaal onderwijs hier vaker zullen werken. De samenwerking tussen primair en voortgezet onderwijs wordt hechter met standaard een warme overdracht en gezamenlijke verantwoordelijkheid. En tot slot wordt het eerder genoemde inclusiefonds geïntroduceerd.
Een schoolleider speelt hierin nu al een centrale rol door inclusief onderwijs structureel te agenderen, overdracht met collega's in de PO/VO te versterken en praktijkkennis te delen met het samenwerkingsverband. Het advies zal door het kabinet worden vastgelegd in beleid, maar het is nog niet duidelijk hoe, wel zal dit de beweging naar inclusief onderwijs niet vertragen.
Lees hier meer over het rapport.
Hier vind je het volledige rapport.
