Inclusiever onderwijs en de Inspectie in 2027
Het onderwijs staat nooit stil. Elke dag zijn er weer nieuwe ontwikkelingen waar jij als onderwijsprofessional van op de hoogte wilt blijven. In de rubriek Onderwijsnieuws lichten we er twee uit. Zo blijf jij altijd up-to-date!
Extra ondersteuning voor inclusiever onderwijs
Op een inclusieve school zitten verschillende soorten leerlingen bij elkaar in de klas, ook leerlingen die nu nog naar het (voortgezet) speciaal onderwijs of speciaal basisonderwijs gaan. Om dit te realiseren kunnen scholen tot 1 mei 2026 een aanvraag indienen voor tranche 3 van het experiment inclusieve leeromgeving.
Leerlingen op reguliere scholen krijgen door de beleidsregel ondersteuning vanuit het gespecialiseerd onderwijs, denk bijvoorbeeld aan een ondersteuningsklas op school. Wel zijn er een aantal belangrijke vereisten voor deze aanvraag. Zo moet je een experimenteerplan bijvoegen dat laat zien hoe de samenwerking wordt vormgegeven. Ook moeten medezeggenschapsraden, gemeente(n) én samenwerkingsverband(en) instemmen met deze plannen. Tot slot is er dit jaar een vernieuwd format voor de aanvraag dat iedereen moet aanhouden.
Meld je je voor 1 mei 2026 aan bij het ministerie van OCW? Dan kun je al op 1 augustus 2026 van start! Echter is een latere start op 1 augustus 2027 ook mogelijk. Je aanvraag kun je indienen via de post of via e-mail.
Voor eventuele vragen is er een online spreekuur met informatiesessie voor scholen die in 2026 of in 2027 willen deelnemen. Deze vindt plaats op donderdag 5 maart van 15.00–16.00 uur. In de tussentijd kun je het webinar van vorig jaar terugkijken of kijken op de informatiepagina.
Kijk hier voor meer informatie, zoals de webinar en de informatiepagina.
Op zoek naar inspiratie en voorbeelden uit de praktijk? In het voorjaar van 2025 schreef Werken aan inclusie over onderwijszorgarrangementen. Met een abonnement op het vakblad lees jij álle artikelen online. Schrijf je nu in!
Hoe verandert de rol van de Inspectie in 2027?
Scholen zullen vanaf 2027 minder streng beoordeeld worden op de leerresultaten van hun leerlingen, zo beschrijft demissionair staatssecretaris Koen Becking afgelopen maand in zijn Kamerbrief over het toezicht in het funderend onderwijs. Wel zal de Onderwijsinspectie vaker onaangekondigd bij scholen op bezoek gaan.
Voor de wijzigingen heeft de Inspectie drie scenario's onderzocht, waarbij het tweede scenario duidelijk de favoriet was. In dit scenario krijgen scholen zelf meer aandacht, maar blijft de focus ook op het stelsel en de schoolbesturen liggen. Ook de PO-Raad heeft voorkeur voor dit scenario, aangezien bij dit scenario de meeste ruimte is voor goed, bestuursgericht toezicht; het bestuur is namelijk eindverantwoordelijk voor de onderwijskwaliteit.Ook kondigt Becking een pilot aan voor de onaangekondigde schoolbezoeken bij scholen die niet direct uit de jaarlijkse risicoanalyse rollen. Deze bezoeken worden in één dag gedaan en scholen krijgen hierbij geen eindoordeel, maar juist een terugkoppeling en een beknopt rapport.
Een van de belangrijkste gevolgen die in de kamerbrief worden genoemd, is dat een onvoldoende op de standaard leerresultaten (OR1) niet gelijk zal leiden tot het eindoordeel onvoldoende. De PO-Raad vindt dit een juiste zet, zeker omdat onderwijskwaliteit meer inhoudt dan meetbare resultaten op de doorstroomtoets.
Nog een aantal punten uit de brief zijn een beoogd wetsvoorstel om eisen aan bestuur en toezicht in de wet te verankeren, ondanks bezwaren vanuit de sector, en het verkennen van aanvullende handhavingsinstrumenten, zo ook financiële sancties. De PO-Raad stelt dat de onderwijskwaliteit hierdoor niet sneller zal verbeteren.
